In 2017 vooralsnog niet actief


Geschiedenis

De geschiedenis van Vinyl voor Goed is te beschouwen als een onderdeel van mijn eigen geschiedenis. Het is immers een eenmanszaak.

De geschiedenis is hier chronologisch weergegeven.



Oktober 2014

In oktober 2014 bevond ik me in de situatie dat ik geen inkostenbron had en geen uitzicht daarop had. Mijn geld was op.

Ik heb me toen aangemeld bij het werkbedrijf voor een WWB-uitkering.

Bij het intake-gesprek wist een medewerker met de functie van handhaver mij te vertellen dat hij zijn uiterste best zou doen om aan te tonen dat mijn collectie elpees te veel waard zou zijn om gerechtigd te zijn voor een uitkering.

Ondanks dat ik het onwaarschijlijk achtte dat de medewerker van het werkbedrijf een onverzekerde collectie kon gebruiken om mij niet als gerechtigd te bestempelen heb ik besloten om in te teren op deze collectie om in mijn levensonderhoud te voorzien. En daarmee een voorschot te nemen op de wetsbepaling "interen", een onderdeel van de toen nog in te voeren Participatiewet van 2015. Bijstand is bijstand. 

Mede omdat de sfeer van het gesprek grimmig was, ik had even niet door dat ik aan de verkeerde kant van de balie zat, ben ik deze uitdaging aangegaan.


Juni 2015

Tot juni 2015 heb ik mezelf in leven gehouden met de verkoop van gedeelten van mijn collectie.

Ondertussen was mijn oog gevallen op een winkelpand in Bodegraven waar in een verleden eveneens grammofoonplaten werden verkocht. Ik ben naar de Kamer  van Koophandel gegaan om erkend te gaan venten middels een winkel.


 

2016


Eind 2015 kwam ik in financiële problemen en was ik genoodzaakt bij de gemeente aan te kloppen. Ik werd doorverwezen naar het werkbedrijf. Een dame van het IMK heeft naar mijn cijfers gekeken, en de conclusie was "niet levensvatbaar".

Ik kwam in aanmerking voor een bijstand voor zelfstandigen. De voorwaarde was dat ik zo snel mogelijk, doch binnen een jaar de bedrijfsvoering zou opdoeken. De bijstand is in de vorm van een lening-om-niet gedurende het jaar van afbouwen. De huur van de winkel liep langer door dan deze regeling. Gelukkig kon ik per 1 december opzeggen. Zodat ik nog een maand had om de bedrijfsvoering af te ronden.

Mogelijkheden om door te gaan konden door het opstellen van een levensvatbaar ondernemersplan of het vinden van andere inkomsten. Een ondernemersplan met slechts het verkopen van vinyl leek alleen te verwezenlijken wanneer er een stapeling optimistische prognoses waarheid zou worden. Andere inkomsten, bijvoorbeeld in de vorm van arbeid, ben ik niet tegen het lijf gelopen.

Halverwege dit jaar bleek dat een lening om niet nooit afbetaald zou kunnen worden. Ik noemde me toen een eenmanszaak zonder winstbejag.


Ik ben het werkbedrijf Ferm Werk dankbaar voor het verstrekken van de lening-om-niet voor het voorzien in mijn levensonderhoud. Tegelijkertijd heb ik de behoefte om een statement te maken inzake interen in de Participatiewet. Bij deze?


Afbouw

Deze regeling houdt in dat ik maandelijks over 2016 een toelage krijg ter hoogte van de bijstand in de vorm van een lening-om-niet.

Deze lening zal verrekend worden met de jaarstukken over 2016.

Voorwaarden voor het verkrijgen van deze lening is het stoppen met de bedrijfsvoering als zodanig.

Daar deze regeling een dood einde kent, is bij mij iedere motivatie om winst te maken komen te vervallen. Eindigen zonder schuld is voor mij voldoende.

En hoe nu verder?

Deze vraag kan ik nu niet beantwoorden.

Ideeën zijn er wel.